Maandag 10 juni – dag 3: Stara Fuzina
Al dagen had ik me erop verheugd: mijn loopje van ons huis naar de bakker. Nou ja, beter gezegd naar de supermarkt, daar verkopen ze vers brood. In twee minuten loop ik tussen de huizen door naar de rivier, steek de brug over en dan ben ik er. Vanmorgen waren we vrij laat op. Geen wonder na twee lange reisdagen, we moesten echt even bijkomen. Pas na de koffie, het was inmiddels over tienen, waagde ik me tussen de buien door buiten de deur. Want ja, het goot van de regen. Precies zoals voorspeld. Gelukkig nam het op een goed moment wat af en dus ging ik gewapend met paraplu de deur uit. Omdat er hier nooit iets verandert, tenminste, zo lijkt het, was ook alles in de winkel nog hetzelfde. Hoewel? Er was toch iets anders dan ik gewend was. Er was namelijk geen brood. Twee dames, duidelijk hoorbaar van Duitse afkomst, keken ook vertwijfeld rond. Uiteindelijk namen ze hun toevlucht tot een soort sponsachtig verpakt witbrood dat zo lekker aan je gehemelte blijft kleven. Zouden ze hier dan echt geen brood meer verkopen? Jawel hoor. Waarschijnlijk waren we gewoon te laat. Ze gaan hier al om zeven uur open, en dan is de kans dat het brood om tien uur op is groot. Gelukkig was er aan de overkant van de straat, verscholen in de diepte achter een gebouw, nóg een winkeltje. Daar hadden ze nog wel wat liggen. Samen met een pakje boter en twee bekertjes yoghurt toog ik huiswaarts, en zo hadden we toch een goed ontbijt.
Intussen bleef het maar regenen. Ik schreef het blog van de
eerste twee dagen, Bert werkte achterstallige kranten weg. We zetten nog maar
eens een bak koffie. Om een uur of half twee brak opeens de zon door en werd
het droog. We aarzelden geen moment, trokken de schoenen aan en liepen richting
meer. Dat is een leuke, niet te lange wandeling met – o zo
belangrijk – een
gezellige uitspanning halverwege. Je zit er direct aan het water, en het
was er niet eens druk. We dronken wat en toen de lucht tegen half vijf weer dichttrok
liepen we naar huis. Daar werden we direct opgevangen door Marija, ze had bouillon
getrokken. Of we ook wat wilden? Ach ja, waarom niet. Ze zijn hier zo
ontzettend gastvrij altijd. Dus zaten we om kwart over vijf weer aan de soep,
deze keer met croutons erbij. Daarna kwam er een pan met puree en spekjes op
tafel, een pot bieten in het zuur en een potje cranberries, natuurlijk zelf
geplukt in de bergen. Wij zijn niet gewend om zo vroeg te eten maar hier doen
ze dat altijd. Vaak eten ze om een uur of drie zelfs al, en dan ’s avonds nog
wat fruit of yoghurt. In elk geval hoefden we niet meer op zoek naar een
restaurantje vanavond.
![]() |
| Een favoriet! |
Marija had de keuken vol baksels liggen. Morgen is er
namelijk een recital van een van haar kleindochters, die zingt en zij zorgt voor de catering. Ik denk dat er genoeg te eten is voor het hele dorp. De vader van Mancha is
musicus van beroep, hij speelt trompet in de politiekapel dus ze heeft het niet van vreemd. Kortom,
we gaan daar met z’n allen naar toe. Marija was ook een pullover voor de
kleindochter aan het breien. Die had er namelijk een gekocht in de kringloop,
ze was er ontzettend blij mee. Haar moeder gooide hem in de was en daarna in de
droger. Toen was het een baby-pullover geworden. Marija wilde haar dus
plezieren met een nieuw exemplaar en was al een aardig eind gevorderd met haar breisel, maar wist niet hoe ze de gebreide panden aan
elkaar moest zetten. Of ik dat misschien wist? Ja, vaak genoeg gedaan. Zou ik
dan misschien…. Tuurlijk. En zo is er altijd wat te doen hier.




Reacties
Een reactie posten